Met de komst van de Omgevingswet hebben gemeenten een nieuw hulpmiddel: het omgevingsprogramma. Toch wordt dit instrument nog weinig gebruikt. Zonde, want juist hiermee krijgt een visie pas echt betekenis in de praktijk.
De gemeente Krimpenerwaard laat zien hoe dat werkt met haar Omgevingsprogramma Landbouw. Een inspirerend voorbeeld voor andere gemeenten die werken aan toekomstbestendig beleid voor het buitengebied.
Gemeenten staan voor grote opgaven: stikstof, klimaat, energie en leefbaarheid. In veel omgevingsvisies is helder wat bereikt moet worden. Maar de uitvoering blijft soms abstract.
Een omgevingsprogramma helpt om die ambities concreet te maken. Geen stapel regels, maar een praktisch kompas. Voor agrariërs en inwoners schept het duidelijkheid: waar liggen de kansen, welke richting wordt gekozen?
“Er gebeurt ontzettend veel in het landelijk gebied,” vertelt Géke Pardoel-Kuiper, strategisch adviseur buitengebied bij de gemeente Krimpenerwaard. “Voor ons als gemeente was het belangrijk om dat wat tot onze verantwoordelijkheid behoort, goed en duidelijk te regelen. We kozen bewust voor een programma over landbouw, niet over het hele buitengebied. Dat maakte het overzichtelijk en uitvoerbaar.”

Aanleiding voor het programma was een complexe casus in het buitengebied. “Die hielp ons om scherp te krijgen waar beleid knelt en waar regels niet duidelijk zijn,” aldus Géke. “In die eerste fase waren we echt nog zoekende. Daarna werden de thema’s steeds duidelijker.”
De gemeente stelde het programma op rond acht hoofdthema’s:
“De thema’s kiezen was spannend — hebben we de juiste te pakken? Zien we iets belangrijks niet over het hoofd? En hoe geef je ruimte, zonder dat alles vrijblijvend wordt? Het programma helpt juist om daarin keuzes te maken en helderheid te bieden.”
Zo’n programma maak je niet alleen. De gemeente vroeg Kubiek om mee te denken én mee te doen. Adviseur Gerrita Jansen begeleidde de participatie en werkte de meeste teksten uit.
“Het mooie aan dit traject is dat we samen zochten naar balans: tussen beleid en praktijk, tussen ambitie en haalbaarheid,” zegt Gerrita. “De gesprekken met agrariërs, burgers en beleidsmakers waren ontzettend waardevol – daar zat de échte inhoud.”
Géke beaamt dit:
“De ruimtelijke planologische kennis van Gerrita, gecombineerd met haar agrarische achtergrond, was voor ons een enorme toevoeging – en nog steeds.”
Ook over het participatieproces is ze positief: “De bijeenkomsten zijn heel goed verlopen en hebben enorm bijgedragen aan de inhoud én het draagvlak.” Het resultaat is een helder opgebouwd programma. Het college besluit in het najaar over de vaststelling.

Stel dat in de visie staat: “We willen landbouw die toekomstbestendig is en past bij natuur en water.” In het programma wordt dit concreet:
Zo wordt beleid tastbaar zonder alles dicht te timmeren.
Het Omgevingsprogramma Landbouw laat zien dat richting geven ook flexibel kan. De voordelen:
Het ontwerp Omgevingsprogramma Landbouw is in te zien via Regels op de kaart.
De lessen uit Krimpenerwaard zijn ook waardevol voor andere gemeenten. Dit zijn de 5 belangrijkste tips:
Vragen of behoefte aan een sparringpartner? Neem contact op met Gerrita Jansen van Kubiek. Zij begeleidde het traject in Krimpenerwaard en deelt haar ervaring graag.
Heeft u een vraag? Wij staan u vrijblijvend te woord.