Blog

Het insider nieuws op ruimtelijk gebied.

woensdag, 11 juli 2018

Lessen uit de Omgevingswet

Geschreven door 
De afgelopen maanden heeft Kubiek aan vier groepen een cursus gegeven over de nieuwe Omgevingswet. In de cursus is uitleg gegeven over de inhoud van deze wet en de betekenis er van voor de praktijk. De deelnemers – variërend van projectontwikkelaars en makelaars tot architecten en bouwkundigen - hebben de cursus als nuttig en informatief ervaren.

De Omgevingswet stelt eisen op het gebied van de participatie van belanghebbenden in ruimtelijke projecten. Veel vragen zijn gesteld over hoe je als initiatiefnemer het participatietraject het beste kunt vormgeven. Daarnaast was de vraag hoe je volgens de Omgevingswet moet omgaan met het aanvragen van omgevingsvergunningen.

Twee belangrijke conclusies zijn uit de discussie naar voren gekomen. De eerste conclusie is dat elk initiatief of bouwproject qua participatie maatwerk vergt en dat het van groot belang is om als initiatiefnemer vooraf alle belangen die door het project worden geraakt goed in kaart te brengen. Participatie is vooral ook “omgevingsmanagement”: wat verwacht de gemeente, wat verwachten buurtbewoners e.d. De manier waarop de initiatiefnemer zijn project presenteert is dus van groot belang. Belanghebbenden willen gehoord worden, serieus genomen worden. Respect en begrip voor elkaars gerechtvaardigde belangen is essentieel. Investeren in participatie - het voortraject - betaalt zich als regel terug in de fase van de formele vergunningaanvraag. Er zal minder vaak bezwaar worden aangetekend.

De tweede conclusie is dat de Omgevingswet de verantwoordelijkheid voor het vergunningentraject vrijwel geheel bij de initiatiefnemer legt. In artikel 2.7 Wabo is bepaald dat, als sprake is van ‘onlosmakelijke samenhang’, een aanvraag voor een omgevingsvergunning niet mag worden gesplitst in verschillende delen. De Wabo beperkt zodoende de mogelijkheid tot het aanvragen van deelvergunningen voor afzonderlijke activiteiten. Kort samengevat, is sprake van onlosmakelijke samenhang als activiteiten niet fysiek van elkaar zijn te onderscheiden.

In de Omgevingswet keert artikel 2.7 Wabo niet terug. De bouwvergunning wordt helemaal losgekoppeld van de ruimtelijke onderbouwing. Een initiatiefnemer hoeft dus niet een volledig uitgewerkt plan te presenteren. Omdat hij niet aan het begin van het proces aan allerlei (kostbare) onderzoeksverplichtingen te voldoen, zal hij kunnen volstaan met de indiening van een meer globale ruimtelijke onderbouwing van zijn project. Is eenmaal de “planologische” toestemming verleend, dan kan het plan gedetailleerd worden uitgewerkt en de benodigde vergunningen in de gewenste fasering van de bouwplanning worden aangevraagd.

De Omgevingswet biedt een initiatiefnemer meer mogelijkheden om het proces voor het verkrijgen van de benodigde toestemmingen (vergunningen) naar eigen inzicht in te richten, maar vraagt anderzijds om een sterk vergunningenmanagement. De initiatiefnemer moet goed weten op welk moment hij welke toestemming nodig heeft.

Het motto van de Omgevingswet luidt “eenvoudig beter”. Het zal een flinke uitdaging worden om dat voor elkaar te krijgen.

Klik hier voor meer informatie over de cursusmiddag en om in te schrijven voor de volgende cursus. 

Laatste berichten

Laatste tweets


Hoera! Kubiek bestaat 5 jaar. Bekijk ons mooi vormgegeven Jubileumboek. https://t.co/qXwJNuyums https://t.co/p31g0lYKHz

Diriel van Lienden en Jan Polinder @JPolinder van harte welkom als nieuwe collega's bij Kubiek Ruimtelijke Plannen !
Follow Kubiek Ruimte on Twitter

Bedrijfsgegevens

kubiek-ruimtelijke-plannen-logo


Kerkewijk 117
3904 JB  Veenendaal

0318 - 50 56 37
F  0318 - 51 92 69

I   www.kubiek.nu
info@kubiek.nu

KVK    60051361
Bank  NL93.INGB.0006.476.588
BTW   NL853.746.989.B01